Met geo-data stressen voor het klimaat

Klimaatadaptatie. Een van de vele overweldigende uitdagingen waar we in Nederland voor staan. Wateroverlast, maar ook grotere periodes van droogte hebben enorme invloed op hoe we naar onze omgeving moeten kijken. Geodata uit, onder andere, de geobasisregistraties vormen het fundament van dit soort maatschappelijke uitdagingen. Dit zijn thema’s waar Anouk Donkervoort, adviseur stedelijk water en klimaatadaptatie, zich bij Sweco dagelijks mee bezig houdt. Zo helpt zij de gemeente Dordrecht met het vergaren van kennis om een klimaatadaptieve stad te worden. 

In Wamel is een weg afgesloten i.v.m. stijgend water.

Sweco is een ingenieursadviesbureau dat zich focust op complexe vraagstukken in de bebouwde omgeving. In het kader van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie voert Sweco stresstesten uit voor gemeentes om de kwetsbaarheid voor de effecten van klimaatverandering op de omgeving te testen in ons land. Denk aan het inzichtelijk maken van de effecten van extreme neerslag, overstromingen, lange periodes van droogte en hitte door middel van ruimtelijke berekeningen. Vervolgens adviseert Sweco gemeenten hoe ze kunnen omgaan met klimaatverandering.

Voor deze berekeningen gebruikt Anouk data uit de geobasisregistraties als startpunt. Deze data combineert ze vervolgens met andere informatie en inzichten. Om te berekenen hoeveel water er bij neerslag in het riool terecht komt op een bepaalde locatie moet ze eerst weten uit wat voor materiaal het grondoppervlak bestaat: “Op een stuk grasland of ander onverhard terrein nemen we bijvoorbeeld aan dat 100% van het regenwater door de grond wordt opgenomen”, legt Anouk al schetsend uit. “Bij geasfalteerde wegen, aan de andere kant, kan regenwater niet in de grond infiltreren en belandt dus grotendeels via gootjes en putten in het riool”. Het type grondoppervlak bepaalt dus hoeveel regenwater er uiteindelijk in het riool belandt. Deze data haalt Anouk uit de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT). Anouk: “Op basis van die informatie kunnen we berekenen of het riool voldoende capaciteit heeft. Bij onvoldoende capaciteit zal het riool overstromen en dit kan vervelende gevolgen hebben.”

Hiernaast ontwikkelde Anouk een nieuwe manier om een ander effect van klimaatverandering in kaart te brengen: droogte. Lang aanhoudende droogte kan vervelende gevolgen hebben. Door een dalend grondwaterniveau komen houten funderingspalen droog te liggen waardoor ze kunnen gaan rotten. Het gevolg? Schade aan woningen door inzakkende funderingen. “Door het bouwjaar van een pand uit de BAG te combineren met informatie over de ondergrond kunnen we inschatten of een gebouw op houten palen gefundeerd is” zegt Anouk. Vervolgens kijkt ze naar de ligging van infrastructuur, groen en oppervlaktewater (uit de BGT) en naar meetgegevens over grondwaterfluctuaties (DINO loket [1]). Anouk: “Door deze data slim met elkaar te combineren kunnen we een inschatting maken welke woningen waarschijnlijk last hebben, of kunnen gaan hebben, van paalrot in de fundering zodat gemeentes vroegtijdig maatregelen kunnen nemen om schade te voorkomen”.

De stresstesten die Sweco en andere ingenieursbureaus uitvoeren voor gemeentes vormen vaak de basis voor het maken van integraal beleid. Dit geldt ook voor de gemeente Dordrecht: "Door de stresstest hebben we ons eiland weer wat beter leren kennen”, zegt Mark Ruisch. “Misschien is het uitvoeren van de stresstest wel de belangrijkste stap op weg naar een klimaatadaptief Dordrecht", voegt hij nog toe.

Voor het maken van integraal beleid is het combineren van data uit verschillende bronnen noodzakelijk. Goed dus dat de overheid nadenkt over het integraal bevragen van data en efficiëntie vindt Anouk: “Het zou ideaal zijn als je zelf een gebied op de kaart kan selecteren waarvoor je de verschillende data kan opvragen. Het Algemeen Hoogtebestand Nederland (AHN) deelt het land nu bijvoorbeeld in vierkanten op. Die vlakken komen natuurlijk niet overeen met de gemeentegrenzen dus kan het nog weleens een puzzel zijn om alles goed aan elkaar te verbinden”. Het gebruikersgemak moet volgens Anouk centraal staan en dat betekent voor haar dat je gegevens makkelijk en snel moet kunnen exporteren. “Het zou wel mogelijk moeten blijven om alleen de gegevens die ik nodig heb snel te kunnen isoleren van de rest om te voorkomen dat bestanden te zwaar en traag worden,” sluit Anouk af.

[1] Het DINO loket is een gratis service van TNO en gebruikt gegevens uit de database van DINO en de Basisregistratie Ondergrond (BRO). Zie https://www.dinoloket.nl/.